De bibliotheek van Alberto Manguel
25 September 2011
In een bijdrage over literatuur en psychologie schreef ene George Currie onlangs nog deze ontluisterende woorden in het Times Literary Supplement: “Als we ons ernstig met grote literatuur bezighouden, levert ons dat niet meer kennis, meer mogelijkheden, uitgeklaarde emoties of diepere menselijke sympathieën op. Het laat ons slechts toe vaardigheden te ontwikkelen waarmee we een fascinerende, veeleisende, en… wellicht verkeerde opvatting over wat mensen zijn, kunnen exploreren.” Kortom, de studie van literatuur is wellicht voor het grootste deel vergeefs en nutteloos. Het is een hard “wetenschappelijk” oordeel dat de Argentijnse schrijver Alberto Manguel zeker niet zou onderschrijven.
Alberto Manguel (foto) is bij ons bekend als de auteur van Een geschiedenis van het lezen, Dagboek van een lezer en De bibliotheek bij nacht. Alberto Manguel beschrijft zichzelf als een verwoede lezer die slechts laat met schrijven is begonnen, en dat schrijven meestal aan het lezen ondergeschikt heeft gemaakt (of beter: het ermee heeft laten samenvallen). In De kunst van het lezen (2001) heeft hij een keuze gemaakt uit een oogst van opstellen die dertig jaar bestrijkt. Eentje ervan, Een hommage aan Proteus, is een lezing gehouden op het Brusselse Passa Porta Festival in 1998. Alberto Manguel is een literaire polyglot en globetrotter, een Argentijn die in het Franse Poitou woont temidden van zijn dertigduizend boeken en in het Engels schrijft, met veel kennis, wijsheid en enthousiasme. meer lezen …



2012 wordt, omwille van de tweehonderdste verjaardag van zijn geboorte, een
Op vrijdag 26 augustus beschreef Hisham Matar (1970) in de Engelse krant The Guardian hoe zijn neef, enkele dagen voordien bij de bevrijding van Tripoli, door een sluipschutter werd doodgeschoten.
Op 18 april 1941 vonden kinderen het lijk van een vrouw, die drie weken in het water van de
In Flaubert’s Papegaai heeft de Britse schrijver
Er wordt wel eens vergeten dat meer dan honderd jaar voor de Franse Revolutie er een Engelse was, met een dramatische burgeroorlog op de koop toe. Koningsgezinden stonden vanaf 1642 oog in oog met aanhangers van het door de vorst ontbonden parlement, de puriteinen versus de gematigde protestanten, de kortgeknipte Roundheads tegen de langharige Cavaliers. In werkelijkheid was het conflict grijzer en onbeslister, doorkruisten twijfel en opportunisme een duidelijke demarcatielijn.
“Hoe meer hij van de natuur geniet en ons dat meedeelt, en hoe meer hij meevoelt met het wel en wee van haar bewoners, hoe meer gelijkenis hij vertoont met zowel een vroeg 19de-eeuwse romanticus als een 18de-eeuwse rationalist.” Dat schreef Richard Mabey in de inleiding tot zijn biografie van Gilbert White (1986), waarvoor hij destijds de Whitbread Biography Award kreeg.
The six-mark teapot (foto) is een spotprent van
Recent Comments